Visliefhebbers hebben hun weg naar de van Baerlestraat natuurlijk al lang gevonden. Naar The Seafood Bar wel te verstaan. Het succesnummer van een Brabants echtpaar dat Amsterdammers aan de echt goede vis wilde brengen. En dat is gelukt! Mooie zaak, ongedwongen sfeer, en vooral: heerlijk eten. Denk aan oesters, krab, kreeft, zeevruchten of een mooi stukje vis, uiteraard te combineren met een goed glas wijn. De vis is dagvers en waar mogelijk biologisch, lijngevangen vis met het MSC keurmerk. Casper ging ons voor en was enthousiast. Een fijne tegenhanger tussen de duurdere horeca midden in Oud-Zuid.

Hoe blij zijn we dan ook dat onze Brabantse vrienden nu een tweede Seafood Bar openen. Midden in het centrum dit keer, in het voormalige pand van Tokyo Café aan het Spui. Dus voortaan kun je ook je shopping spree in de 9 straatjes, Jordaan, of de Kalverstraat aftoppen met een oester en een lekker drankje. Wat ons betreft een gouden zet. Het concept blijft hetzelfde met hier en daar een paar aanpassingen die ze nog even voor zichzelf houden. De verbouwing is in volle gang en als het goed is gaan half maart de deuren open. We kunnen niet wachten…

10906367_770944056314390_5988205372740856284_n

 

 


Als onverbeterlijke romanticus ben ik dol op love stories. Er is immers al voldoende leed op de wereld, en dus verdient iedereen het wat mij betreft om simpelweg gelukkig in de liefde te zijn. Doe mij een ‘and they lived happily ever after’, en Marianne is tevree.

Kessens AmsterdamWat dat nou precies met de culinaire kanten van Amsterdam te maken heeft? Dat zal ik vertellen. Of, zoals alle sprookjes beginnen: er was eens… een klein Zweeds meisje Anna op 5-jarige leeftijd op bezoek zijn bij haar Nederlandse opa. En daar, in de spelonken van de banketbakkerij onder grootvaders huis, ontmoette zij Casper.

Tot zover niets bijzonders. Maar wat als acht jaar later opeens de vonk overslaat, aan beide kanten? Tja, de liefde is nou eenmaal grenzeloos. Dus ‘neem’ je verkering en emigreer je uiteindelijk als je nog maar amper 19 lentes jong bent naar Amsterdam. Voor de liefde van je leven. En aangezien de liefde en de maag nogal vaak met elkaar te maken hebben, en het horecabloed bij deze lieve lieden kruipt waar het niet gaan kan, besluit je een aantal jaar later tijdens de wereldreis van je leven om samen een eigen zaak te beginnen. Een eigen horecazaak om precies te zijn. En die te vernoemen naar je eigen Zweedse familienaam. Kessens. Immers, Zweedse invloeden maken ook Amsterdam alleen maar mooier (daar kan menig man en vrouw over mee praten). En bovendien, laten we eerlijk zijn, de achternaam van inmiddels echtgenoot Holtkamp zingt in Amsterdam al genoeg rond, en toppers als Bukowski waren al vergeven.

Kessens 2Dus zo geschiedde, “the rest is history”, sprookjes bestaan wel, etc. etc. etc. Want het is inmiddels keiharde realiteit voor Anna. Want zo heet deze Zweedse gastvrouw van deze nieuwe hotspot in town, en haar manlief Casper. Kessens heeft haar deuren geopend aan de Amsterdamse Rozengracht, en ik denk dat de inwoners van 020 blij mogen zijn. Sterker nog: blij zijn, gezien de drukte in de zaak en de lyrische foodporn pictures die de menigte verder opzwepen op het wereldwijde web. En ik geef ze gelijk hoor.

Want naast het feit dat we hier te maken met een love story pur sang, hebben we het hier vooral over twee personen die gastvrijheid en lekker eten bovenaan hun prioriteitenlijst hebben staan. Alle reden dus om voor ontbijt, brunch, lunch, snackje of een vroege borrel aan te schuiven. Want bij Kessens geen culinaire liflafjes die de honger net niet stillen, maar een combinatie van klassiekers uit Europa in overvloed. Van een vleugje Zweeds in de vorm van huisgemaakte gravad lax (yum yum yum yum) tot een zweempje Amsterdam in de vorm van huisgemaakte huzarensalade (once again: yum yum yum yum). En zo kan ik nog alinea’s doorgaan. Aanrader? De Welsh Rarebite. Je hoeft daarna de rest van de dag niet Kessens 2meer te eten, maar frankly, who cares?! En het meest truttige huisgemaakte drankje ever: advocaat. Ja, ook die is weer nieuw leven ingeblazen. Sterker nog, in deze huisgemaakte vorm is ‘ie nog lekker ook. Bij voorkeur op te lepelen met een piepklein lepeltje zoals oma vroeger deed wanneer ze uit de band sprong op een feestje. Ook in to-go vorm te verkrijgen, dus wat mij betreft de hit bij familiefeesten en -partijen. En dan heb ik het nog niet eens gehad over de financiertjes bij de koffie of de thee…

Zoals gezegd, ik ben nou eenmaal een sucker voor love stories. Op culinair gebied en daar buiten. En dus ook voor Kessens. Want als die ‘chemistry’, die ‘spark’ er nou eenmaal is, moet je hem koesteren, er zuinig op zijn, en er met volle teugen van genieten. Want dan heb je iets bijzonders in handen. En dat is precies wat Amsterdam heeft met dat vleugje Zweden aan de Rozengracht.

Kessens Amsterdam

Kessens 3Rozengracht 24

PS: En de grootste tip voor de buurtbewoners? Mocht je Holtkamp nou te ver fietsen vinden vanuit de Jordaan en omstreken, de overheerlijke kroketjes kun je natuurlijk ook (zowel warm als koud en dus zelf nog op te warmen) bij Anna en Casper halen. Je hebt het niet van ons…

PPS: Casper, we zijn trots op je!


Waterkant 1They did it again. De Wijzen uit het Oosten hebben weer van zich laten horen, met als enige verschil ten opzichte van succesnummers als De Biertuin en Bar Bukowski dat ze voor de verandering de Amstel zijn overgestoken en zijn neergestreken op de grens tussen Oud-West en hartje Centrum. Welkom langs of liever gezegd bij De Waterkant. De nieuwste hang-out voor liefhebbers van hangen, chillen, een beetje zien en gezien worden, drinken, genieten en een beetje eten. En dat allemaal met een vleugje Surinaams, aan de voet van de Q-park in de Marnixstraat.

Waterkant 2En om de hele goegemeente kennis te laten maken met deze nieuwe hotspot in town zetten de mannen van De Waterkant gistermiddag groots in met een Opo Oso, oftewel een open huis. En daar werd flink huisgehouden. Aan het aantal fietsen te zien was ongeveer tout Amsterdam dat niet van een welverdiende vakantie aan het genieten was, uitgelopen om op z’n Surinaams te chillen in het onverwachte Amsterdamse zomerzonnetje. Resulterend in een overvol terras, rammendvolle picknicktafels, en geen onbenut plekje langs de waterkant zelf. Een wijntje, of eigenlijk liever, een Parbo’tje erbij en niets meer aan doen.

Waterkant 4Alhoewel, een lekker hapje erbij was wel lekker geweest. Want in tegenstelling tot de tropische hapjes die De Waterkant normaal gesproken gaat serveren (looking forward!), was er voor het open huis voor gekozen om het toegestroomd publiek te voorzien van hapjes in de vorm van Turks brood met kruiden-knoflook dipje en bittergarnituur, en die de waterkant ondanks vriendelijk vragen nauwelijks bereikten. Het was namelijk of genieten van de superstek of genieten van een hapje temidden van de menigte, aldus soms ietwat van zichzelf overtuigde heren en dames uit de bediening.

Waterkant 3Oh well… De zon, het biertje en het gezelschap maakten een hoop goed. Dus, de eerste indruk? Topstek. Het is inderdaad – met een avondzonnetje erbij – een prima stek om het tropische ritme aan te nemen. En gezien het succes van hun eerdere A-locaties, de opkomst tijdens de Opo Oso en de jaloerse blikken van het langsvarend publiek kunnen we de Q-Park binnen de kortste keren waarschijnlijk omdopen tot A-Park. Dus, zin in een ticket to the tropics? Fiets dan gewoon maar naar de Marnixstraat om de Nederlandse Waterkant eens te gaan verkennen.

De Waterkant

Marnixtraat 246


Net als het interieur van horecazaken zijn ook namen onderhevig aan trends. Zo zijn we binnen 020 inmiddels al lang en breed van de Franse insteek afgestapt, en via de stoere, ruige namen (As, Baut, en ga zo maar door) richting hipperig Engels en gewoonweg simpel Nederlands gegaan. Zeg maar van de Fat Dog’s en de Bur Bukowski’s tot aan de Hutspot’s, Sla’s en Venkel’s. Leuk, leuk, leuk, als je het mij vraagt.

Het verzinnen van een pakkende naam voor je eigen horecazaak is namelijk geen sinecure. Lijkt mij althans. Want ga er maar aan staan. Een naam moet bull’s eye en pakkend zijn. En lekker bekken. In dit geval meer figuurlijk dan letterlijk, alhoewel: ook andersom natuurlijk, want het zijn uiteindelijk de culinaire prestaties die de randvoorwaarde vormen voor ‘a future place to be’.

Het is dan ook niet iedereen gegund om een naam te verzinnen die catchy is. Lukt het je wel: koesteren. Maar heel soms hoeft het allemaal ook niet zo moeilijk te zijn. En is het juist de heerlijke eenvoud die telt, en zorgt voor een brede glimlach op de lippen. Omdat de naam indruist tegen alle hipper dan hipse natuurwetten. Omdat het bij de bezoekers gaat om de inhoud van het bord, en niet zozeer of je baard of casual gestylede outfit wel goed zit.

Broodje BertIk had dat persoonlijk met Broodje Bert, aan de Singel. Een zaak waar het leven gewoon draait om een broodje. Of maak hier eigenlijk maar liever Brood van. Geen fratsen, geen broden van Menno, Franse of Vlaamse Broodhuyzen. Nee, gewoon een lekker broodje, zonder al teveel tropische verrassingen. What you see is what you get. Oversized, overstuffed, grootser dan groots, rijker dan rijkelijk belegd. En dan overdrijf ik nog niet eens. Inclusief normale huis-tuin-en-keuken salade, zoals we die van vroeger kennen. En alles vers. En ook nog eens supersnel. Want bij Broodje Bert weten ze wat buffelen is. En dit geldt dus voor zowel de werknemers als de bezoekers. Want voor de laatstgenoemde doelgroep: de broodjes zijn gewoon top! Tel daarbij op een bescheiden terras aan de Singel, en een handjevol zitplaatsen binnen, en dat betekent dat je blij bent wanneer je direct een plekje hebt. Want ik ben kennelijk niet de enige die graag geniet van de heerlijke eenvoud van deze broodjeszaak. Wat mij betreft heb je bij Bert namelijk gewoon een Broodje Bravo te pakken. Niets meer, niets minder.

Broodje Bert

Singel 321