De Aziatische keuken is hot. En dat hebben we niet alleen gemerkt aan de stroom van tips over lekkere Aziatische adresjes in 020. Nee, als zelfs het razend populaire gastrobar concept wordt uitgebreid met een Asian-style variant, inclusief authentieke dimsum-chef, aldus de berichtgeving over Ron B’s nieuwe concept, dan weet je dat iets hot is. Dus wat nou hotdogs, burgers of duurzame in elkaar gedraaide salades? Het is dimsum waar we voortaan onze tanden in gaan zetten.

Hoogstwaarschijnlijk wel weer onder het geniet van een cocktail, want zonder is natuurlijk ook zo DimSum 1karig. Een prima ontwikkeling, als je het mij vraagt. Ik ben namelijk dol op dimsummen en dimsum er dus ook graag een eind op los. Het is namelijk comfort food pur sang. Voor mij staat dimsum dan ook gelijk aan een ietwat brakke zondagmiddag, op het fietsje richting Oriental City, en daar direct aan een grote ronde tafel aanschuiven met vrienden. Want ja, wij zijn niet voor een gat te vangen, en om te voorkomen dat we teveel tijd in de rijen op de dubbele wenteltrap belanden, zetten wij meestal onze troef in. Een Chinese, die niet alleen een tafel reserveert (kan overigens tot 12 uur ‘s middags – daarna is het sowieso first come, first serve), maar die ook nog eens een traditionele Pekingeend besteld. En dan niet zomaar eendje, maar juist bereid in twee gerechten: te beginnen met het pannenkoekje met hoisin-saus, waarna het overgebleven gedeelte de wok in gaat. Aanrader. Dat geldt ook voor een Chinees-sprekend persoon in je midden, maar dat is wellicht niet voor iedereen weggelegd.

DimSum 3

En dat is dan nog maar het begin. Want na een eerste en tweede ronde een kopje sterke Chinese thee (prima katermiddel overigens) ter begeleiding van het eendje, is het vervolgens tijd voor het echte werk. En dan hebben we het niet alleen over die eerste alcoholische versnapering die dan toch maar op tafel verschijnt (dimsum is immers hartig, is vaak het excuus), maar voor het piece-de-resistance. Gezien de bamboetorens die bij ons meestal op tafel verschijnen, lijkt het wel een gevalletje van ‘bestellen wat je bestellen kunt’. En gezien de tafels om ons heen, is dat gewoon ook de bedoeling. Grote favoriet en dus standaard bij ons aan tafel? De Qian Si Juan (oftewel heerlijke garnalen in een gefrituurd mihoen-jasje) en de Woh Tjip Tjien Kauw (een combinatie van groente en vlees, met daarbij een azijnsausje). Maar met een dubbele pagina dimsum-menukaart is er nog veel meer dat zeker de moeite waard is. Laat je niet afschrikken door de bloemrijke Chinese namen: voor de simpele Hollander is de gehele menukaart voorzien van mooie plaatjes (al heb je ook daar wel eens een flinke portie inbeeldingskracht nodig). En is het niet wat je in gedachten had? Dan bestel je toch gewoon nog een ander mandje. Voor de prijzen hoef je dat niet te laten: wij zijn voor twee uur vertier inclusief eend, dimsum en drank vaak maximaal tussen 15 en de 25 euro kwijt. En dan ga je rollend de wenteltrap naar beneden.

DimSum 2

Zin om echt eens gek te doen? Vraag dan naar de kippenpoten: geblancheerd, en vervolgens bereid in een zoetzuur sausje, om vervolgens uit het knuistje op te peuzelen. Zo ben je op zondag zo maar een eet-ervaring rijker. Dus, mocht het voorjaarsweer komende zondag nou een beetje tegenvallen, fiets dan eens de stad in, richting Oriental City. Het is misschien even wachten als je niet hebt gereserveerd, maar uiteindelijk dimsum-succes verzekerd.

Oriental City
Oudezijds Voorburgwal 177-179
T. 020-6268352


Ik vind het heerlijk om een stad wakker te zien worden. Dat geldt ook voor Amsterdam. Zo kan ik met heel veel liefde ‘s morgenvroeg een blokje om rijden, en betekent dat voor mij niets meer dan genieten. Een van de plekken waar ik in alle vroegte graag de stad zie ontwaken, is mijn geliefde Cuyp. Want er gaat niets boven een schuchter opkomend ochtendzonnetje en een vrolijk deuntje in je hoofd afgewisseld met de platste grappen en Amsterdams gevloek en getier van de stoere mannen die de voorbereidingen treffen voor het bijna dagelijkse marktgedruis.

Maar sindskort heeft de Cuyp geduchte concurrentie. Ook een markt, maar dan in het centrum. De Nieuwmarkt. Waar je jezelf overdag een weg moet banen tussen de dagjesmensen uit de provincie en de toerist. Die zich beiden bij voorkeur ophouden in groepsverband, en onbevreesd, voor niets en niemand lijken te wijken, de kamikaze fietsers uit 020 incluis. Maar als dat het beeld is dat je normaal gesproken van de Nieuwmarkt hebt, hoe geweldig is de ervaring dan om voor dag en dauw dit plein eens te bezoeken, en ook hier het leven van de grote stad langzaam tot leven te zien komen. Van de opbouwende marktkoopman tot aan forens die zijn weg baant door het labyrint van de binnenstad richting werk.

Latei 1En als je dat dan in alle rust op je in hebt laten werken, fiets dan even de Zeedijk op. En stap meteen weer op je rem. Want vlak om de hoek zit namelijk Latei. Een koffiezaak die op het eerste oog niet echt opvalt, maar waar je de liefde rijkelijk kunt voelen stromen. De liefde voor eten en drinken, én vooral de liefde voor tweedehands. Want het gehele interieur van dit zaakje is minimaal een tweede leven gegund, en kun je zelfs voor een derde keer tot leven laten komen in je eigen huis. En waar het dankzij de meest overbodige prullaria (voor een koffie- annex Latei 2lunchzaak dan hè, over smaak valt verder niet te twisten) ontzettend knus is. Om te ontbijten, om koffie te drinken, om te lunchen, en om heel soms – oftewel op donderdag, vrijdag en zaterdag -, geheel tegen de trend van de overige kaart in, van Gado Gado te genieten. Van het Kookkollectief.

En hoewel we die laatste nu nog niet op ons kerfstok hebben staan, weet ik zeker dat dat wel gaat gebeuren. Om vervolgens – eveneens geheel tegen de trend in – de stad niet tot leven te zien komen, maar langzaam in slaap te zienvallen. Verandering van spijs doet immers eten.

Latei. Rust, lekkers en spulletjes.

Zeedijk 143

 


Omdat de Pijp eigenlijk bijna alles te bieden heeft, vooral op culinair gebied, kost het me nog wel eens moeite om mijn grenzen te verleggen. Het is dan ook de natuurlijke overredingskracht van het gezelschap dat mij meestal over de streep trekt om de stoute schoenen aan te trekken en op de fiets richting bijvoorbeeld het centrum te knallen. Met the summer in the city, en dus volop de toeristenmassa’s op de been uberhaupt een uitdaging om het hier levend vanaf te brengen. Want voor je het weet ligt er weer een verdwaalde Italiaan, Duitser of Brit tussen de spaken van je fiets, in hun zoektocht naar de Wallen.

 

Maar goed, sommige plekken zijn de moeite waard om deze hordes gewoon te nemen voor je gezelschap. En ik kan dan ook niets anders zeggen dat ik blij ben dat ik dat op een van de laatste zomerdagen heb gedaan. In dit geval voor een bezoek aan – wie kent het niet – Café Stevens, op het hoekje van de Geldersekade, met uitzicht op de drukte rond de Nieuwmarkt. En omdat goede wijn geen krans behoeft, hou ik het vandaag maar eens short and simple.

 

Stevens is namelijk gewoon een prima plek. Een prima plek om een borreltje te drinken voordat je een hapje gaat eten in de buurt, in welk jaargetijde dan ook. Een prima plek om bier & ballen te doen wanneer je buitenlandse vrienden, kennissen of wat nog meer over hebt en je ze ook de bruinere kanten van 020 wilt laten zien. En dus al helemaal een prima plek om uit werk, op een mooie zomerdag naar toe te fietsen, plaats te nemen in het openstaande raam langszij, en te genieten van een heel koud biertje en de zomerzon.

IMG_1093

Cafe Stevens

Geldersekade 123

 


Eetsalon Van Dobben aan de Korte Regulierdwarsstraat is een begrip in Amsterdam, de broodjeszaak met als kenmerk witte tegeltjes, Russisch ei en bijdehand personeel in witte doktersjassen bestaat al sinds 1945. Als kind kwam ik er al vaak, bijvoorbeeld om ‘s avonds broodjes te halen voor de banketbakkers die in de zaak van mijn ouders moesten overwerken in drukke tijden rond sint en kerst. Het is een zaak die zo sterk is omdat er nooit iets is binnnnwwveranderd door de jaren heen. Gewoon altijd, jaar in jaar uit, dag in dag uit hetzelfde kunstje vertonen en zo nu en dan op het zwarte bingo-scorebord het glas melk met een duppie duurder maken. Niet inspringen op trends, niet liggend op witte matrassen je broodje halfom naar binnen werken of in een mist van stikstof je broodje warm vlees verorberen terwijl de zonnebank gebruinde dame achter de counter met een pipetje de satésaus op je kadetje druppelt. Gewoon doen waar je goed in bent en daar geen verandering inbrengen.

 

Van Dobben is natuurlijk ook bekend vanwege hun kroketten, te vinden in het diepvriesvak van uw buurtsuper, maar daar wil ik het in dit stukje niet hebben, ik richt me alleen op de zaak en de pas geopende tweede vestiging op de hoek van de Albert Cuyp markt en de Ferdinand Bolstraat.

 

Na meer dan 60 jaar was er dus ineens een tweede vestiging, eerst in de Eerste van der Helststraat maar na een relatief korte periode gingen daar de deuren al weer dicht om 150 meter verder open te gaan op de hoek van de markt. Een gouden locatie! We aten er twee van Dobben klassiekers; broodje halfom en een hamburger. De hamburger was niet zoals deze vroeger werd geserveerd, toen was het een mooie, krokante burger die iets weghad van een foto(4)gehaktbal. Nu was het een dunne, beetje vettige plak. Wel goed van smaak, dat dan weer wel. Broodje halfom was goed. Het betreft qua interieur overigens geen kopie van de eerste vestiging, de tweede zaak is wat moderner met verschillende zitjes, krukjes en Chesterfield fauteuils. Ook voeren ze niet de hele kaart zoals in de Regulierdwarsstraat, zo ontbreekt het klassieke Russisch ei waar veel mensen al jaren speciaal voor naar van Dobben komen.

 

Al met al is dit een prima aanwinst voor de Pijp maar is in de verste verte niet te vergelijken met de Eetsalon waarmee het merk groot is geworden.

 

Van Dobben
www.eetsalonvandobben.nl